12 april 2007

A CLASSY WAY TO COMMIT SUICIDE.*

Uit Bagombo Snuff Box:

1. Use the time of a total stranger in such a way that he or she will not feel the time was wasted.
2. Give the reader at least one character he or she can root for.
3. Every character should want something, even if it is only a glass of water.
4. Every sentence must do one of two things -- reveal character or advance the action.
5. Start as close to the end as possible.
6. Be a sadist. No matter how sweet and innocent your leading characters, make awful things happen to them -- in order that the reader may see what they are made of.
7. Write to please just one person. If you open a window and make love to the world, so to speak, your story will get pneumonia.
8. Give your readers as much information as possible as soon as possible. To heck with suspense. Readers should have such complete understanding of what is going on, where and why, that they could finish the story themselves, should cockroaches eat the last few pages.
Kurt Vonnegut, 1922-2007.

Labels: , , , ,

11 augustus 2006

LOUTER JODENKOEK.

"Dit was R.A.M. voor vanavond. Uw huiswerk voor de volgende week: probeer een boek te slijten aan die zo vluchtige 'jongere generatie', hierbij gebruik makend van een nep-weblog. Wel doen alsof het een echte is."

Eerst dacht ik: wat schrijft dat meisje helder. Geen slordigheidje te bekennen, en nauwelijks een kenmerkend eigenwoordenwoordje of ander zweem van idiolect. Niks mis mee: niet iedereen hoeft zich het Breezah machtig te maken om het internet vol te plempen met mijmeringen over zijn of haar futiele bestaan - en mensen die zo coherent schrijven als Tirza, die zijn er.

Maar dan: wat een leven! Beetje door Italië Interrailen, cello'tje spelen, beetje blasé doen over De Parade. En alle mensen in haar omgeving hebben gekke namen als 'Choukri', 'Carlota' of 'Ibi'. (Om niet te spreken van 'Tirza'.) Als dit het weblog is van een Hollandsch meiske, waar is Thomas dan in godsnaam? En zijn monosyllabische maat Henk?

Nee, hier is iets niet in de haak. Want al het voorgenoemde is dan wellicht nog aannemelijk (zij het ongebruikelijk), Tirza wordt pas echt verdacht als de lezer opmerkt dat ze nergens een - nee, geen énkel - verdwaald detail laat slingeren. Ieder stukje vertelt een waterdicht verhaal: "Dit ben ik." "Mijn nieuwe schoenen knellen." "Mama ging helemaal over de rooie." Pakkend, dat zeker. Maar nergens heeft ze toch niet zo'n zin om naar de fillum te gaan, nooit was de popcorn gewoon ja niet zo lekker en niemand vraagt tot vervelens toe waarom. Webloggers schrijven zo niet. Deze teksten zijn geredigeerd.

Bovendien, een meisje zoals dit - slim, creatief en welbespraakt - daar zou ik nog in geloven, sterker nog, stante pede mee in de echt treden. Maar dat datzélfde meisje dan ook nog überkekke webdesing-skillz zou bezitten, daar ben ik te cynisch voor. Die bestaan gewoonweg niet. Die illustratie van een cello met tieten en een kut erop geplakt was voor mij dan ook de druppel: dit meisje ís niet.

Uitstel van ongeloof duurt maar zolang als je het toelaat, en zodra ik besloten had dat ik genept zat te worden was een smoking gun dan ook eenvoudig te googlen. Aanschouw: dit Nieuwe Weblog met Goede Stukjes en Zo Onschuldig Ogende Links naar Andere Weblogs is niets meer dan viral marketing voor de nieuwe Arnon Grunberg (u weet wel, dat is zeg maar Napoleon Dynamite met een pen). Had hij zich even mooi gecamoufleerd!


Het geeft niet, Arnon. Bloggen doe je zelf toch beter. Ik een illusie armer, jij een lezer. Wat maakt het uit. Mensen zijn zo vervangbaar als een plastic tas.



UPDATE 2006-08-13 19:30: Ha! Commentarium. "Iemand" schrijft:

Hoor en wederhoor worden niet meer toegepast begrijp ik? Ik besta wel degelijk, hoor! Dat er vervolgens een boek naar mij vernoemd is en ik daar het grafische werk van gebruik betekent dus gelijk dat ik niet besta?

Lieve lezer. Hoe moeten wij bovenstaand commentarium interpreteren? Een verwoede poging tot damage control van de Viral Marketeers™ van Neuk & van Dattum? Of kan toch beter de folder "Hoe om te gaan met dissociatieve identiteitsstoornis" toegestuurd worden?

Het antwoord ligt voor de hand. Ik voer geen kruistocht tegen viral marketing an sich, ben een bewonderaar van Grunberg, maar heb wel bezwaren tegen moedwillige misleiding van het leesboeklezend consumentarium.

Ondertussen krampachtig de schijn op proberen te houden getuigt van een wel erg zuivere mix van geringschatting en gotspe. De gemiddelde literatuurminnende webloglezer zal toch wel in staat zijn om de HTML-bron van een webpagina op te vragen, me dunkt?

UPDATE 2006-08-13 21:19:

OMG wederhoor!

Zullen we over een paar weekjes eens afspreken met elkaar? Dan laat ik jou mijn paspoort zien, vertel ik je wat ik nog meer wil schrijven op mijn weblog en geef ik je gelijk het boek van de auteur die over mij geschreven heeft. Of zit ik dan het consumentarium in de weg?

Wauw. The internets is serious business. Je zou toch denken dat als je daar zin in hebt, je gewoon lekker gedachten en gevoelens openbaart via de (digitale) drukpers, zonder aanstoot te nemen aan de immer met hagel schietende 101 Blogger Division. 't Is een vrij land.

Maar goed. Ik stel mij geenszins ten doel al dan niet fictieve weblogsters het leven zuur te maken. Een nogal doorzichtige en naar mijn mening ongepaste marketingtruc in mijn bescheiden etalage zetten echter, o man, daar kun je me midden in de nacht voor wakker maken.

Dat heb ik hier gedaan, en daar sta ik achter. Verder heb ik geen verlangen om deel te nemen aan een Descartiaans (voor het predicaat 'Kafkaësk' is toch net wat meer nodig) online kat-en-muisspel. Als iemand vindt dat 'ie bestaat, dan zou dat toch genoeg moeten zijn, me dunkt?

Ik bedank dan ook voor de uitnodiging. Dat paspoort mag lekker in het laatje blijven: ik ben verdomme Rita Verdonk niet. (Ik dacht dat ik die zin nooit zou hoeven schrijven, maar het is zover gekomen, broeders.)

Dus bedankt, maar nee. I think I'll rather take the blue pill.

Dan ga ik nu weer lekker over muziek schrijven, oké?

Labels: , , , , , , , , ,

08 mei 2006

GRATIS ZAND!

Ga je naar het strand? Mag ik
als je terugkomt het zand
uit je schoenen voor
de bodem van mijn aquarium?
Jarenlang heb ik gestaard naar deze tekst, "De invloed van matige wind op kleren" van K. Schippers, of liever: het schilderij dat erbij gemaakt is door Klaas Gubbels, zo leert Google mij nu.



Een poster hiervan hing aan de wand van het lokaal bij Nederlands op de middelbare school. Litercultuurbarbaar als ik ben is dit eigenlijk het enige dat ik van hem ken, maar ik ben er altijd door gefascineerd geweest. Op het oppervlak is het de vorm: het hele gedicht bestaat uit slechts één volzin, spreektaal nota bene.

Maar het is vooral de inhoud waarover ik niet uitgedacht raak: de zin doet me denken aan vrijheid (op een strand wezen, een aquarium bezitten), jeugd (de verwachtingsvolle onschuld van de vraagstelling), en vindingrijkheid en utiliteit (want wie legt die link?). Dan nog het kleine geluk - immers, gratis zand! - en ook de kleine tragiek, immers: de vraagsteller gaat duidelijk niet mee naar het strand.

Dan is er nog subtiel maar helder associatief rijm: strand en aquarium roepen beiden "water" op. Tenslotte, tijd en plaats: het gedicht begint met een gebeurtenis die zowel in de toekomst als op een andere plek plaatsvindt; het restant brengt het terug naar huis.

Vandaag wint K. Schippers de Libris Literatuurprijs, en alhoewel ik - toegegeven - geen idee heb waarvoor, denk ik wel enig idee te hebben waarom.

Labels: , , ,

23 april 2005

HIER KOM JE JE BED VOOR UIT.

In "31 Songs" (in de VS uitgebracht als "Songbook") houdt Nick Hornby een gepassioneerd pleidooi voor de liedjes die het 'm doen voor hem; het spectrum reikt van robuuste, iconische rock-anthems als Springsteen's Thunder Road tot de gedistilleerde en gemashupte hipheid van 2 Many DJs (in de inhoudsopgave overigens vermeld als "Soulwax"). Maar opvallender is het essay over Nelly Furtado's "I'm Like A Bird", waarin Hornby oprecht (en térecht) de lof der eenvoudige, lekkere popmuziek bezingt.

In menige discussie met Serieuze Muziekliefhebbers © blijk ik vaker dan ik gedacht had die positie te verdedigen. Vergelijk: een vriend van mij is kok in een bijzonder omhooggevallen hotel. Hij schudt de duurste en sjiekste gerechten uit zijn mouw (en die zullen vast niet te versmaden zijn), maar als je hem vraagt, "Wat eet je zelf nou het liefst?" antwoordt hij steevast: "Lekker broodje kroket." En geef hem eens ongelijk!

Lang verhaal kort: als ik jou binnenkort ergens hoor zeggen, hoe terloops ook, dat je Get Out of My Bed van Krezip écht een kútnummer vindt, dan zie ik geen andere optie dan je ter plekke dood te stompen. Ter plekke.

De traditie van het boek wordt overigens voortgezet bij McSweeney's.

Labels: , , , , , , , , ,

06 april 2005

SHIV'AH.

Bellow, too, is convinced that to have a conscience is, after a certain age, to live permanently in an epistemological hell. The reason his and Dostoevsky's heroes are incapable of ever arriving at any closure is that they love their own suffering above everything else. They refuse to exchange their inner torment for the peace of mind that comes with bourgeois propriety or some kind of religious belief. In fact, they see their suffering as perhaps the last outpost of the heroic in our day and age." --Charles Simic in New York Review of Books, 31 mei 2001
Een stukje didactiektactiek: Op de middelbare school was ik zo'n berekenende leerling die doorhad dat als je iets van James Joyce op je lijst zette bij Engels, dat dit Verbluffende Tijdloze Literaire Meesterwerk © (hierna te noemen VTLM©) dan als een soort zwart gat alle aandacht van de andere boeken vandaan zou zuigen, zodat je vrijwel het gehele mondeling aan dat ene boek kon wijden. Hoe kundig en geroutineerd de leraar ook een bruggetje probeerde te maken naar één van de andere boeken (die je natuurlijk niet had gelezen), je kon moeiteloos het gespreksonderwerp weer terugbuigen naar het VTLM©, want de leraar was verslingerd aan Joyce en jij wist dat.

(Bij leraren Nederlands werkt Reve meestal wel, met een klein aantal gevaarlijke uitzonderingen. Begin om dit te controleren eens uit jezelf over Mulisch - als de leraar je alvorens te antwoorden een korte, verward-strenge blik toewerpt dan weet je dat het goed zit: rennen naar de bieb om De Avonden te scoren, dus. Geschiedenisdocenten zijn minder dogmatisch, maar controverse scoort eigenlijk altijd. Tip: Nietszche, de Koran of Mein Kampf.)

Dus ik moet toegeven, toen ik braaf Saul Bellow 's Seize the Day aankruiste was dat aanvankelijk puur bedoeld als literaire opvulling: oneerbiediger kan bijna niet, maar Bellow was de schoudervulling in mijn boekenlijst. Ik bedoel, welke zestienjarige wil er nou lezen over een zure vent in een midlifecrisis? Maar ik werd snel meegesleurd: Bellow was diepzinnig en grappig tegelijk, diep tragisch en toch hoopgevend, en vertelde over een Amerika waarvan ik toen nog niet wist dat het bestond - een Amerika dat ik niet op tv had gezien. Waar Thompson de ballon van de American Dream met een bazooka uit de lucht schoot, liet Bellow langzaam de (gebakken) lucht er uit lopen, vulde hem met helium en keek vroom toe hoe hij uit het zicht zweefde, voor altijd buiten bereik van de gewone man. "Seize the Day" werd gemakkelijk een favoriet, en ik heb mooi m'n mondeling ermee vol geluld. Een negen.

Maar belangrijker nog: Bellow leerde mij iets simpels maar onwaarschijnlijk belangrijks (waarvan ik overigens vermoed dat alleen joden het echt begrijpen): dat de pijn nooit zal ophouden, en dat je daarnaar ook niet hoeft te streven. Bedankt en vaarwel, mister Bellow.

Ook bij: wim de bie metafilter

Labels: , , , , , , , , , ,

21 februari 2005

TOCH NIET ZELDZAAM GENOEG.

There he goes. One of God's own prototypes. Some kind of high powered mutant never even considered for mass production. Too weird to live, and too rare to die.
uit de verfilming van "Fear and Loathing in Las Vegas"
Hij was de man die jij en ik niet durven te zijn, de laatste Beat Poet, een onverantwoordelijke eikel, en systematisch blootlegger van de het Amerikaanse handelsmerk bij uitstek: hypocrisie. Met zijn pen begroef hij de American Dream en werd hij tegelijkertijd een moderne belichaming ervan.

Hunter S. Thompson was een moeilijk mens. Hij schold interviewers uit om een klein technisch probleem, of liet ze twintig minuten wachten omdat hij per sé "Sense and Sensibility" af wilde kijken. Hij verzamelde twee zaken: wapens en explosieven; en drugs, vooral veel drugs:
We had two bags of grass, seventy-five pellets of mescaline, five sheets of high-powered blotter acid, a saltshaker half-full of cocaine, and a whole galaxy of uppers, downers, laughers, screamers... Also, a quart of tequila, a quart of rum, a case of beer, a pint of raw ether, and two dozen amyls. Not that we needed all that for the trip, but once you get into a serious drug collection, the tendency is to push it as far as you can.
uit de verfilming van "Fear and Loathing in Las Vegas"
Niet dat hij dat iemand anders zou aanraden, natuurlijk - "I wouldn't recommend sex, drugs, or insanity for everyone, but they've always worked for me." Ondanks - of dankzij? - zijn extravagante interesses leek Thompson de dingen vaak net iets eerder door te hebben dan de rest. Op 12 september 2001 schreef hij:
We are going to punish somebody for this attack, but just who or what will be blown to smithereens for it is hard to say. Maybe Afghanistan, maybe Pakistan or Iraq, or possibly all three at once. [...] This is going to be a very expensive war, and Victory is not guaranteed -- for anyone, and certainly not for anyone as baffled as George W. Bush. All he knows is that his father started the war a long time ago, and that he, the goofy child-President, has been chosen by Fate and the global Oil industry to finish it Now. He will declare a National Security Emergency and clamp down Hard on Everybody, no matter where they live or why. If the guilty won't hold up their hands and confess, he and the Generals will ferret them out by force.
uit de column "Fear and Loathing in America" voor ESPN.com
(Aan de andere kant, afgelopen oktober zat hij er helaas goed naast met zijn voorspelling.)

Zijn ultra-subjectieve, prettig egocentrische stijl was een verademing voor een publiek dat zijn vertrouwen in de gevestigde journalistiek verloren had. Achteraf gezien was hij een weblogger avant la lettre, getuige bijvoorbeeld dit fragment (uit zijn boek over de presidentsverkiezingen van 1972) dat gezien kan worden als een manifest voor de weblogcultuur:
So much for Objective Journalism. Don’t bother to look for it here- not under any byline of mine; or anyone else I can think of. With the possible exception of things like box scores, race results, and stock market tabulations, there is no such thing as Objective Journalism. The phrase itself is a pompous contradiction in terms.
uit "Fear and Loathing: On the Campaign Trail '72"
(Frappant detail: mijn voormalig docent Piet Bakker gebruikt dit citaat in een paper over de media, zie ik nu in een googletje.)

Mahalo, Dr. Gonzo. Moge je herrie trappen daarboven met Cash en Theo, en ja, ook met Nixon.

Labels: , , , , , ,





























































































































































































































































·