23 augustus 2006

PARADIJSVOGELS 2006.

En hoe het was. Innemend knutselende vogels, een betoverende Latijnse Zweed, broddelende Nederpoppers, wat uitgelaten groente en geworpen fruit, duizenden Britten, een bejaarde punker en onbeschríjflijk veel meer waren in 2006 de slagroom op de vertrouwde Biddinghuizense taart van veel bands en andere cultuuruiters, veel drank en andere genotsmiddelen, weinig slaap en (dit jaar) weer eens veel, héél veel modder.


Foto geleend van Lowlog

--> Lees verder...

Labels: , , , , , , , , ,

13 augustus 2006

ZANGZAAD.

Goed Mens, u gaat naar Lowlands en neemt mee. Prima. U heeft mijn advies ter harte genomen. Prachtig. Maar zo aan de vooravond van dit driedaags festijn kan ik het verlangen niet onderdrukken om het tóch nog even over Guillemots te hebben.

In mijn oorspronkelijke verhandeling over het Pad naar Lowlands, Verlichting en Lagere Golfscores had ik deze Britse vogels (alken, om precies te zijn) al even aangestipt, maar toen moest ik bekennen dat ik schrijnend onbekend was met deze gevleugelde minstrelen. Sterker nog, ik kende welgeteld één lied. Ik heb me dan ook onmiddelijk na het ter perse gaan van het artikel ingeluisterd in de materie. Noem het omgekeerde onderzoeksjournalistiek.

En man, kom ik even verslag uitbrengen. Allereerst, een vogeltje heeft mij ingefluisterd dat je het schijnt te moeten uitspreken als "GIL-luh-mottz", dus niet op z'n Frans, zoals ik aanvankelijk verwachtte. Zeker weten doe ik het nog steeds niet.

In het kader van de hokjesgeest (of pigeonholing, om de vogelwoordspelingen tot de laaste druppel uit te melken) ligt het op het eerste gehoor bijzonder voor de hand om debuutgeluidsdrager Through the Windowpane netjes te filen under het ó zo hippe "Barokpop": kekke liedjes met lekker veel drama en aangevuld met een - voor rock-&-rollbegrippen - niet erg gangbaar instrumentarium (zie Arcade Fire, The Decemberists, Sufjan Stevens).

Maar er is meer aan de hand. Om te beginnen zijn de heren (op een verdwaalde Braziliaan of Canadees na) afkomstig uit Groot-Britannië, het land waar je met met puntige witte schoenen, al even puntige Fender-riffs, twee pakjes per dag en liedjes over meisjes niet veel meer nodig hebt om wereldberoemd te worden. Op een paar notabele uitzonderingen na lijken Britten zelfs op hun experimenteelst nog vrij gewoontjes. En dat is een zegen.

De heftig gearrangeerde, slepende pop zoals we die van eerdergenoemde artiesten kennen lijkt dan ook steevast van over de plas te komen. Dat Guillemots een verfrissende uitzondering zijn is mede juist te wijten aan hun komaf: ook in hun meest epische ondernemeningen komen Fyfe Dangerfield en zijn kornuiten over als ordinary lads.

Neem de tweede single, Trains to Brazil. Trompetten, spelende kinderstemmen en een zoemende Theremin kunnen niet voorkomen dat de luisteraar visioenen krijgt van volwassen mannen in denim tuinbroeken op de hoek van de straat. En dit is goed. Want Arcade Fire in de geest van Come on Eileen - waarom hebben we daar in godsnaam niet eerder aan gedacht?

Ook inhoudelijk voeren contrasten prettig de boventoon. Dit ogenschijnlijk zonnige lied verwijst gortig naar de waanzin van terreur, en degenen die leven onder haar schrik: "The prophets and their pawns have had another success [...] when we were at school they could never have persuaded me that lives like yours were in the hands of these erroneous fools." Niet dat Dangerfield meent boven de Kafkaëske (there, I said it) realiteit van vandaag de dag te staan - zelfs het carpe diem-achtige slot wordt overschaduwd door zijn eigen angst: "Live and be thankful you're here / See, it could be you tomorrow, or next year."

En dat ze van vogels houden mag duidelijk zijn: naast het vernoemen van de band naar een vliegbeest is ook het album doorspekt met kleine snavelpikjes. Zo opent Come Away With Me met een opname van - ja, een soort vogel; ik ben verdomme geen ornitholoog.

De stem van Dangerfield is helder en vriendelijk, en zodoende op het eerste gehoor wat onkenmerkend. Hij lijkt zijn vocale repertoire duidelijk afgebakend te hebben: directer dan Damien Rice en aardser dan Jeff Buckley, zelfs al smijt hij met Buckleyaanse falsetto's alsof het niks kost. Het meest interessant is Dangerfield dan ook als hij buiten dit stramien treedt: neem de opening van het titelnummer, waar in een "shit-m'n-mic-stond-al-open"-moment een ademende, giechelende Guillemots-zanger te horen is.

Dangerfield's proudest moment is echter in het slotlied, het twaalf minuten durende epos São Paulo: na een in 6/8-maat doorkabbelende mijmering over in Brazilië verloren liefdes en de verplichte pianosolo-met-strijkers valt de band stil. Vanuit diepe stilte wordt in het geniep gewisseld naar vierkwarts, en bouwen de Guillemots gestaag een alles-mag-loscrescendo op waarin Dangerfield hardop eist: "Get me a person, get me a person, get me a person who isn't me". Als bij de tweede "person" zijn stem bijna overslaat, en bij de derde helemaal, heeft Dangerfield zich bij mij definitief bewezen: dit is heel geen vogel, dit is een gewone man en hij maakt ongewoon mooie liederen.

Al met al is Through The Windowpane een meeslepende verzameling schetsen, die ondanks hun barokke presentatie nooit hun realiteitszin verliezen. Sterker nog, de beelden die Guillemots oproepen zijn wat mij betreft niet zozeer beschrijvingen van de werkelijkheid (geforceerd en machteloos als die toch vaak zijn), maar beeldschone kleine stukjes
werkelijkheid op zichzelf: ornaat omlijst, maar verfrissend alledaags. De vergelijking dient zich aan met het prachtige gedicht "Red Wheelbarrow" van William Carlos Williams: "so much depends / upon / a red wheel / barrow / glazed with rain / water / beside the white / chickens."

Dangerfield lijkt het hiermee eens te zijn: in het mierzoete en zelfbewuste Made-up Lovesong #43 verzucht hij: "Now, there's poetry in an empty Coke can". Inderdaad.

The Guillemots: Lowlands, zaterdag 15:15, Lima.

Labels: , , ,

11 augustus 2006

LOUTER JODENKOEK.

"Dit was R.A.M. voor vanavond. Uw huiswerk voor de volgende week: probeer een boek te slijten aan die zo vluchtige 'jongere generatie', hierbij gebruik makend van een nep-weblog. Wel doen alsof het een echte is."

Eerst dacht ik: wat schrijft dat meisje helder. Geen slordigheidje te bekennen, en nauwelijks een kenmerkend eigenwoordenwoordje of ander zweem van idiolect. Niks mis mee: niet iedereen hoeft zich het Breezah machtig te maken om het internet vol te plempen met mijmeringen over zijn of haar futiele bestaan - en mensen die zo coherent schrijven als Tirza, die zijn er.

Maar dan: wat een leven! Beetje door Italië Interrailen, cello'tje spelen, beetje blasé doen over De Parade. En alle mensen in haar omgeving hebben gekke namen als 'Choukri', 'Carlota' of 'Ibi'. (Om niet te spreken van 'Tirza'.) Als dit het weblog is van een Hollandsch meiske, waar is Thomas dan in godsnaam? En zijn monosyllabische maat Henk?

Nee, hier is iets niet in de haak. Want al het voorgenoemde is dan wellicht nog aannemelijk (zij het ongebruikelijk), Tirza wordt pas echt verdacht als de lezer opmerkt dat ze nergens een - nee, geen énkel - verdwaald detail laat slingeren. Ieder stukje vertelt een waterdicht verhaal: "Dit ben ik." "Mijn nieuwe schoenen knellen." "Mama ging helemaal over de rooie." Pakkend, dat zeker. Maar nergens heeft ze toch niet zo'n zin om naar de fillum te gaan, nooit was de popcorn gewoon ja niet zo lekker en niemand vraagt tot vervelens toe waarom. Webloggers schrijven zo niet. Deze teksten zijn geredigeerd.

Bovendien, een meisje zoals dit - slim, creatief en welbespraakt - daar zou ik nog in geloven, sterker nog, stante pede mee in de echt treden. Maar dat datzélfde meisje dan ook nog überkekke webdesing-skillz zou bezitten, daar ben ik te cynisch voor. Die bestaan gewoonweg niet. Die illustratie van een cello met tieten en een kut erop geplakt was voor mij dan ook de druppel: dit meisje ís niet.

Uitstel van ongeloof duurt maar zolang als je het toelaat, en zodra ik besloten had dat ik genept zat te worden was een smoking gun dan ook eenvoudig te googlen. Aanschouw: dit Nieuwe Weblog met Goede Stukjes en Zo Onschuldig Ogende Links naar Andere Weblogs is niets meer dan viral marketing voor de nieuwe Arnon Grunberg (u weet wel, dat is zeg maar Napoleon Dynamite met een pen). Had hij zich even mooi gecamoufleerd!


Het geeft niet, Arnon. Bloggen doe je zelf toch beter. Ik een illusie armer, jij een lezer. Wat maakt het uit. Mensen zijn zo vervangbaar als een plastic tas.



UPDATE 2006-08-13 19:30: Ha! Commentarium. "Iemand" schrijft:

Hoor en wederhoor worden niet meer toegepast begrijp ik? Ik besta wel degelijk, hoor! Dat er vervolgens een boek naar mij vernoemd is en ik daar het grafische werk van gebruik betekent dus gelijk dat ik niet besta?

Lieve lezer. Hoe moeten wij bovenstaand commentarium interpreteren? Een verwoede poging tot damage control van de Viral Marketeers™ van Neuk & van Dattum? Of kan toch beter de folder "Hoe om te gaan met dissociatieve identiteitsstoornis" toegestuurd worden?

Het antwoord ligt voor de hand. Ik voer geen kruistocht tegen viral marketing an sich, ben een bewonderaar van Grunberg, maar heb wel bezwaren tegen moedwillige misleiding van het leesboeklezend consumentarium.

Ondertussen krampachtig de schijn op proberen te houden getuigt van een wel erg zuivere mix van geringschatting en gotspe. De gemiddelde literatuurminnende webloglezer zal toch wel in staat zijn om de HTML-bron van een webpagina op te vragen, me dunkt?

UPDATE 2006-08-13 21:19:

OMG wederhoor!

Zullen we over een paar weekjes eens afspreken met elkaar? Dan laat ik jou mijn paspoort zien, vertel ik je wat ik nog meer wil schrijven op mijn weblog en geef ik je gelijk het boek van de auteur die over mij geschreven heeft. Of zit ik dan het consumentarium in de weg?

Wauw. The internets is serious business. Je zou toch denken dat als je daar zin in hebt, je gewoon lekker gedachten en gevoelens openbaart via de (digitale) drukpers, zonder aanstoot te nemen aan de immer met hagel schietende 101 Blogger Division. 't Is een vrij land.

Maar goed. Ik stel mij geenszins ten doel al dan niet fictieve weblogsters het leven zuur te maken. Een nogal doorzichtige en naar mijn mening ongepaste marketingtruc in mijn bescheiden etalage zetten echter, o man, daar kun je me midden in de nacht voor wakker maken.

Dat heb ik hier gedaan, en daar sta ik achter. Verder heb ik geen verlangen om deel te nemen aan een Descartiaans (voor het predicaat 'Kafkaësk' is toch net wat meer nodig) online kat-en-muisspel. Als iemand vindt dat 'ie bestaat, dan zou dat toch genoeg moeten zijn, me dunkt?

Ik bedank dan ook voor de uitnodiging. Dat paspoort mag lekker in het laatje blijven: ik ben verdomme Rita Verdonk niet. (Ik dacht dat ik die zin nooit zou hoeven schrijven, maar het is zover gekomen, broeders.)

Dus bedankt, maar nee. I think I'll rather take the blue pill.

Dan ga ik nu weer lekker over muziek schrijven, oké?

Labels: , , , , , , , , ,

04 augustus 2006

IN DE BEK KIJKEN.

Huh? Paard doet aan guerilla marketing. Stefan schrijft:

Ik zal maar gelijk met de deur in huis vallen met de mededeling dat ik uw mailadres heb verkregen via Ticketservice. Ik heb vernomen dat u al eens eerder in het Paard van Troje bent geweest voor een concertbezoek en zou daarom even brutaal willen zijn u te willen attenderen voor een concert waarvan ik denk dat het u wellicht aan zou spreken;
Ho eens even, Stefan. Misschien ben ik wel helegaar niks nooit in het Paard geweest! Misschien koop ik gewoon graag concertkaartjes, maar hou niet van muziek en heb bovendien straatvrees (en angorafobie, maar dat is een ander stukje) dus wacht altijd rustig de avond van het concert af, steek dan een kaarsje aan en breng dan een gemoedelijk avondje thuis door, samen met mijn toegangskaartje. Wie weet!

O en Stefan, als we toch bezig zijn. Bij ons thuis gebruiken wij een puntkomma om twee hoofdzinnen met elkaar te verbinden; wel is de inhoud van deze zinnen vaak verwant. Zo dus. Stel jezelf eens de vraag: "Kan ik hier ook een punt zetten?". Is het antwoord "neen", dan voelt de puntkomma zich daar niet op z'n plekkie. Hier bijvoorbeeld ging je aankondigen wat er ging volgen, Steef, dus had je eenvoudig kunnen volstaan met een dubbele punt. Vervang hem eens. Kijk. Ziet dat er nu niet uit als een veel vrolijker leestekentje? Dat brutaal zijn lukt overigens wel aardig, Steefie, dat moet ik je nageven.

Enfin. Naar welk concert Stefan de Pefan me wilde lokken doet effe niet ter zake, dus hup, verder:
Voor het gebruik van uw mailadres heeft u mij dus geen toestemming gegeven; wilt u in het vervolg bespaard blijven van onze concerttips, dan hoor ik dat graag – middels een reply – van u en zal ik uw adres asap uit ons bestand verwijderen. Vindt u het echter leuk om van onze activiteiten op de hoogte te blijven, dan zend ik u ook graag onze tweewekelijkse nieuwsbrief toe en maakt u daarmee kans op vrijkaarten.

Met dank voor uw aandacht en een vriendelijke groet,

Stefan [achternaam verwijderd -gnfti]

Marketing & Publiciteit Paard van Troje
Kortom: WTF Stefan? Ik vind het niet erg om gemaild te worden over leuke concerten in één van mijn favoriete poppodia, daar heb ik tenslotte al voor geopteerd (puike nieuwsbrief hoor, geen onvertogen woord daarover).

Maar Ticketservice geeft mijn e-mailadres weg? En Stefan wil die dan wel hebben, of erger nog, kóópt hem van Ticketservice, ergens in een tochtig steegje? (Stel je voor: "Psst.")

En ik vertrouwde jullie nog wel zo! Paard van Troje, inderdaad.

Labels: , , , ,





























































































































































































































































·